Ik hou van sneeuwballen. Vanaf het moment dat ik er meer dan 20 jaar geleden voor de eerste keer mijn tanden in zette, was het grote liefde.
Ik hou echter niet van alle sneeuwballen, want sommige – en dat zijn vooral dan die die je in de supermarkten vindt – hebben niet die fijne balans tussen wit boter-suiker-vulsel (heb ik al gezegd dat het caloriebommetjes zijn?) en dat dun, krokant laagje chocolade dat van een sneeuwbal een lekkere sneeuwbal maakt.

Voor zover ik weet, is er maar één merk in België (en de hele wereld?) dat deze fijne sneeuwballen maakt, en dat is Confisserie Larmuseau (hopelijk start ik nu geen sneeuwballenoorlog).  En dat doen ze al meer dan 100 jaar, sinds August Larmuseau, eigenaar van een Confiserie en Chocolaterie in de Patijntjesstraat in Gent, in 1913 de lekkernij “uitvond”, als goedkoper alternatief van de dure chocoladetruffels.

100 jaar bleef het bedrijf ook in handen van de familie Larmuseau, tot in 2013 een overnemer gezocht en gevonden werd in de vorm van Tanguy Servaes, een jonge ondernemer-marketeer, die de Gentse specialiteit volop naar de 21ste eeuw brengt.
Aan de basis is niets veranderd: het recept is nog altijd wat het was en de sneeuwballen worden nog steeds ambachtelijk gemaakt, maar marketinggewijs zet het bedrijf zich duidelijker op de kaart, met een heldere, omlijnde branding en een actieve aanwezigheid op social media. Ook ik ben via hun Facebook-pagina te weten gekomen dat ze deelnemen aan de VOKA Open Bedrijvendag, en gezien onze lange liefdeshistorie, kon ik niet anders dan er naar toe gaan.

Natuurlijk hebben we verse sneeuwballen kunnen proeven (nóg lekkerder vers!), en we kregen ook heel wat uitleg over het productieproces. Hoewel er elke dag 40.000 sneeuwballetjes van de band rollen, is de productieruimte niet groot. De mixer waar de boter en suikersiroop gemengd worden, is zelfs verrassend klein. Dat mengsel wordt vervolgens in kleine plat-ronde plakjes gespoten, om dan vervolgens via een verkoelende lopend band in een chocoladebad ondergedompeld te worden. De afwerking gebeurt in een wolk en massa bloemsuiker. Uiteindelijk worden de sneeuwballen met de hand verpakt.
Erg jammer dat er op het moment dat wij er waren geen productie was – door de massa volk en al onze lichaamswarmte, werd het te warm. Sneeuwballen houden het graag fris en zijn een seizoensproduct; ze zijn enkel tussen september en maart verkrijgbaar.

De opkomst was overigens enorm. We hebben in de regen moeten wachten voor we binnen konden, en toen we een klein uurtje later weer buiten kwamen, was de wachtrij nog eens dubbel zo lang. Eeuwenoud en toch springlevend, het gaat zeker op voor de sneeuwballen!

 

PS: Ik werd niet betaald voor deze blogpost, maar mochten er nog wat sneeuwballen op overschot zijn, zeg ik daar geen nee tegen!

Deel: